
Rietmolense ‘zwarte panter’ zestig jaar getrouwd
MaatschappijRIETMOLEN – Tonnie Bauhuis (86) is een echte man van de streek. Hij werd geboren in Rietmolen en is er zijn hele leven blijven wonen. Echtgenote Marietje Bauhuis-Hannink (84) kwam uit Haaksbergen en ontmoette hem in het bijzijn van haar familie voor het eerst in 1959, op de Rietmolense kermis. Het klikte meteen met de toenmalige ‘koning van het vogelschieten’, ondanks dat haar familie zich afvroeg ‘wat je er toch mee moest’. Woensdag 6 augustus was het echtpaar zestig jaar getrouwd.
Door Rob Weeber
De ouderlijke boerderij in Rietmolen herbergde een gezin van maar liefst twaalf kinderen. “Inmiddels zijn er nog drie van ons gezin in leven, maar tot nu toe ben ik de enige die ‘zestig jaar’ heeft gehaald”, zegt Tonnie. Zoals gebruikelijk werd de oudste zoon boer en Tonnie ging dan ook naar de ambachtsschool waar hij werd opgeleid tot metselaar. Hij groeide door tot uitvoerder en hoofduitvoerder en zou tot aan zijn pensioen slechts bij twee bouwbedrijven werken.
Coupeuse
Marietje komt uit een gezin van zes kinderen en was de oudste thuis. Ze ging naar de huishoudschool en leerde naaien in Enschede. Daarna ging ze nog twee jaar bij een kleermaker in de leer en werkte ze bij KLM-kleding in Haaksbergen, een bedrijf waar in die tijd veel jonge meisjes heengingen. “Ik moest thuis al vroeg meehelpen om bijvoorbeeld kleding te herstellen. Mijn moeder kon namelijk niet naaien. Zij werkte als jong meisje van elf jaar al in de huishouding, tot aan haar huwelijk.” Marietje werd later zelfs coupeuse.
Nederlands amateurelftal
Al in de verkeringstijd bouwde Tonnie zijn eigen huis in Rietmolen. “Ik was lid van de VV Rietmolen en een echte verenigingsman. Vanuit die vriendenclub kreeg ik veel hulp bij de bouw.” Ze trokken er samen in en zouden er altijd blijven wonen. Uit de voetbaltijd dateert ook de bijnaam ‘zwarte panter’, vernoemd naar detopkeeper van die tijd, Frans de Munck. Hij was ook doelman en volgens Marietje - net als de legendarische Nederlands-elftalkeeper - sterk en erg lenig. Tonnie keepte ook in het Rietmolense kampioenselftal van 1958. “Het jaar daarop speelde ik een wedstrijd in het Nederlands Amateurelftal. Ik moest daarvoor naar Utrecht, naar Elinkwijk, helemaal met de trein vanuit Ruurlo. Toen ik daar kwam, moest ik mij uitkleden, wat bij mij nogal verwondering opriep. Het bleek dat ik gemasseerd moest worden. Dat kenden we in Rietmolen niet. Gelukkig wel met een handdoek om.”
Sportief
Ook Marietje is erg sportief geweest. Voor het trouwen was het zwemmen favoriet. Daarna kwam tennis in Neede om de hoek kijken, gevolgd door het volleybal. Fietsen deden ze samen veel. “Het was traditie om ieder jaar met dauwtrappen met de broers en zussen de weg op te gaan.” Wandelen en skiën werd veel in Luxemburg en de naastgelegen Eifel gedaan. Het echtpaar heeft jarenlang een tweede huisje in Luxemburg gehad.
Een zestigjarig jubileum is weliswaar een hele prestatie, maar het echtpaar zelf blijft er nuchter onder. “We hadden op onze bruiloft 350 gasten”, vertelt Marietje. ‘Dat waren veelal grote gezinnen en daarnaast veel vrienden en buren. Dit jaar houden we het bescheiden, met 35 gasten.” Onder de gasten zijn uiteraard ook hun twee kinderen en vijf kleinkinderen.








