Het Nedersaksisch taalgebied. Illustratie: ToonWorkz
Het Nedersaksisch taalgebied. Illustratie: ToonWorkz

Convenant om het Nedersaksisch levend te houden

ACHTERHOEK - Afgelopen woensdag 10 oktober is op het provinciehuis in Zwolle met veel tromgeroffel het convenant voor de erkenning van de Nedersaksische taal ondertekend. Daarvoor zou Kajsa Ollongren, minister van Binnenlandse zaken, vanuit Den Haag naar de Overijsselse hoofdstad komen, maar die was helaas verhinderd vanwege griep, beter gezegd: 'n betjen sloerig in de rakker'. De vreugde was er bij de aanwezigen niet minder om. In het convenant zijn er afspraken gemaakt tussen de rijksoverheid, provincies en diverse andere partijen om de taal levend te houden.

Het Nedersaksische taalgebied (zie kaart) betreft delen van Oost-Nederland, Duitsland en zelfs Denemarken. In Nederland is de taal het onderverdeeld in onder andere het Gronings, Twents en het Achterhoeks.
Binnen Nederland wordt al langer gepleit voor een beschermde status van het Nedersaksisch en dat heeft mede vorm gekregen door de aanstelling van Martijn Wieling als bijzonder hoogleraar Nedersaksische taal en cultuur aan de Rijksuniversiteit Groningen. Hij wil vooral de kloof tussen de - vaak oudere - dialectsprekenden en de jongere generatie dichten. Een onderdeel van zijn plannen is de bouw van een databank met dialectwoorden, te beginnen met het Gronings.

De feestelijk middag op het provinciehuis in Zwolle, gepresenteerd door Jellie Brouwer van het programma Kunststof op Radio1, werd opgeluisterd met diverse regionale artiesten. Melissa Meewisse, eerder deelnemer aan de Voice-kids en winnaar van het Drèents Liedtiesfestival, bracht het lied 'De Wind van Zuud' ten gehore. De Boetners uit de Achterhoek, voor deze gelegenheid als duo, zongen het lied 'Deerntje' en cabaretière Nathalie Baartman had de lachers op de hand met een korte sketch en een prachtig liedje in het Twentse dialect. Hoogtepunt was wel de bewerking van het gedicht 'Textielstad' van Willem Wilmink van het Nederlands naar het Twents door dichter Laurens ten Den.

Opvallend in alle gesprekken met artiesten en deskundigen is hoe weinig de taal in het dagelijks leven wordt gebruikt. Oplossingen om het Nedersaksisch vooral onder de jeugd meer onder de aandacht te brengen, waren niet direct voorhanden. En dat past eigenlijk wel bij de inhoud van het convenant. Hierin staan wel afspraken over het in leven houden van de taal, maar er komt geen geld uit Den Haag en ook geen officiële status. Het in stand houden van ons dialect zal vooral vanuit de bevolking zelf moeten komen.

Meer berichten